Margriet van der Heijden – natuurkundige en wetenschapsjournalist – schreef in haar column in de NRC dat het vertrouwen in de wetenschap is toegenomen. Dat is nog eens goed nieuws voor alle wetenschappers die dag in dag uit onderzoek doen en bergen literatuur lezen, zodat ze niet zomaar wat doen, maar weten waar ze het over hebben. Onderzoek naar gezonde voeding bijvoorbeeld, of nieuwe medicijnen tegen enge ziektes, of manieren om ons klimaat te redden.
Wetenschap en Samenleving
Het onderzoek waar Margriet haar informatie vandaan heeft, komt van het Rathenau Instituut. Dat kende ik voorheen ook niet, totdat een oud-studiegenoot er ging werken. Deze organisatie houdt zich bezig met de impact van wetenschap en technologie op de samenleving. En wat de burger ervan vindt. Maar ook hoe de ‘gewone mens’ op haar beurt kan bijdragen aan wetenschap, door ook hun ideeën aan te horen. Simpel gezegd, door ‘De Wetenschap’ en ‘De Samenleving’ bij elkaar te brengen.
Om dit al in een vroeg stadium te doen, geef ik mijn leerlingen les over wetenschapscommunicatie. Ik vind dit een essentieel onderdeel van het vak Scheikunde. Het gaat erover hoe je in ‘normale mensentaal’ uitlegt wat je hebt onderzocht. Want als een wetenschapper niet kan uitleggen wat hij of zij doet, hoe moet de rest van de wereld dit dan snappen, laat staan geloven?
Ik hoop dat mijn leerlingen straks kunnen uitleggen waarom je je goed moet insmeren met zonnebrand. Dat ze zeggen dat de golfjes van het UV-A-licht uit de zon precies even groot zijn als de afstand tussen de moleculen in je DNA, waardoor ze het kapot maken. En misschien krijgen zij de vaccinatiegraad weer omhoog, doordat ze goed kunnen vertellen hoe het immuunsysteem werkt.
‘Onwetendheid geeft angst’, zeggen ze. En kennis geeft kracht. Ik hoop dat ik mijn leerlingen dat in het afgelopen schooljaar heb kunnen meegeven.
Fijne zomervakantie allemaal! (en wel goed insmeren he?)